Rust en meditatie, de eerste stap
Rust vinden, meditatie
Meditatie kun je doen in veel verschillende vormen, van urenlang in een bepaalde houding zitten tot even kort je aandacht richten. Deze pagina is bedoeld om een eerste aanzet te geven voor wie niet de gelegenheid heeft zich uitvoerig met meditatie bezig te houden, maar toch even een moment voor zichzelf wil om innerlijke rust te vinden.
1. Plaats en tijd
Even tot rust komen kan natuurlijk heel goed door om tien uur 's ochtends even op de bank te gaan zitten met een kop koffie of even je kantoor te verlaten en vijf minuten buiten staan uitwaaien. Om meer profijt te hebben van dit soort momenten is het goed er structuur in aan te brengen en er een vaste plaats en een vaste tijd voor te nemen. Dat zijn dan echt jouw plaats en jouw tijd, waar niemand anders aan komt, ook al zijn het maar een paar minuten.
Kies een vaste plaats uit waar je je goed voelt, bijvoorbeeld een plekje waar je op een kussen op de grond kunt zitten of op een stoel in je slaapkamer.
Kies een tijd die je je voor jezelf kunt houden, door bijvoorbeeld een kwartier eerder op te staan, of op een tijdstip dat anderen weg zijn.
Het is belangrijk dit te bewaken, om iedere dag een paar minuten op dezelfde tijd op die ene plaats te zijn. Dit is een absolute voorwaarde voor een meditatieve setting.
2. Je gedachten leeg maken
Gedachten kun je soms sturen en soms komen ze zomaar aanstormen. Laat ze dan gewoon komen. Het is niet of nauwelijks mogelijk gedachten helemaal uit te schakelen. Dat is ook niet nodig, als je maar niet ingaat op die gedachten. Begroet ze vriendelijk en laat ze dan weer voorbijdrijven. Dan ontstaat er een moment waarop die gedachten niet meer van belang zijn en er een vrije ruimte in je hoofd komt.
Je kunt ook (en vervolgens) je focussen op één punt op de vloer vóór je en daar je aandacht op richten. Dat is voldoende.
Het is goed om aan het begin van deze eerste stap de tijd en ruimte te openen, bijvoorbeeld door kort te knikken, door je handen even te vouwen, door een belletje te rinkelen of wat je zelf maar prettig vindt.
3. De blik naar binnen
Wat ook helpt, is in gedachten je ogen te richten op je hartstreek, als de plaats waar de innerlijke energie binnenkomt en uitvloeit in je lichaam en geest. De buitenwereld valt dan weg en je bent dan helemaal in het hier-en-nu.
4. Adem
Tenslotte is het belangrijk om je aandacht bij je adem te brengen. Als je dat enige seconden hebt gedaan, adem je rustig in twee halen in, wacht heel even en ademt in twee iets langzamere halen weer uit, waarna je ook heel even wacht, of vanuit je buik nog net iets door te ademen. Laat het inademen erna heel natuurlijk gaan, zonder kracht, laat je longen zelf zich ontvouwen en de lucht naar binnen halen.
Afronding
De stappen 2-3-4 kunnen in zes minuten gezet worden en dan heb je de basis gelegd voor de Stilte die een weg zoekt bij jou naar binnen. Je kunt de stappen uitbreiden, als je meer tijd hebt. Rond het geheel af met een korte dankzegging, op je eigen manier, door 'dankjewel' te zeggen, door te buigen, door je handen te vouwen en 'namasté' te zeggen of hoe je het maar prettig vindt. Dit helpt enorm om deze tijd en deze ruimte echt voor deze Stilte te wijden en er geconcentreerd binnen te gaan.